Voortplantingstechnieken

MAASTRICHT - Biopsie van een cel uit een achtcellig embryo op de IVF-afdeling van het academisch ziekenhuis Maastricht (azM). ANP PHOTO XTRA LEX VAN LIESHOUT MAASTRICHT - Injectie van een zaadcel (zichtbaar in de naald) in een eicel, uitgevoerd op de IVF-afdeling van het academisch ziekenhuis Maastricht (azM). ANP PHOTO XTRA LEX VAN LIESHOUT

Een koppel heeft steeds meer opties om vruchtbaarheidsproblemen te omzeilen. Als IVF niet werkt, kan ook gekozen worden voor zaadcel-, eicel-, of embryodonatie. Een andere optie is het draagmoederschap.

Met de komst van anticonceptiemiddelen is het mogelijk geworden om het krijgen van kinderen uit te stellen. Hierdoor krijgen stellen steeds later voor het eerst een kind. In Nederland is een vrouw gemiddeld 29,4 jaar bij de geboorte van het eerste kind, een man zelfs 32,4 jaar. Dat uitstellen leidt bij sommigen tot vruchtbaarheidsproblemen.

Met behulp van medische technieken is het vaak wel mogelijk om alsnog een kind te krijgen. Een van de opties is intra-uteriene inseminatie, of kunstmatige inseminatie. Met deze ingreep worden de zaadcellen rechtstreeks in de baarmoeder ingebracht. Dit is wellicht de meest gebruikte vruchtbaarheidsbehandeling.
Een andere optie is in-vitrofertilisatie (IVF) of reageerbuisbevruchting. Met behulp van hormoonstimulatie worden bij de vrouw eicellen gerijpt. Deze worden dan uit de eierstokken gehaald. In het lab worden ze vervolgens bevrucht met zaadcellen. Een paar dagen later worden één of twee embryo's in de baarmoeder geplaatst. De kans op een zwangerschap is gemiddeld 16-20%. Tot nu toe zijn er geen negatieve gevolgen van IVF ontdekt, maar de gevolgen op lange termijn zijn nog niet volledig bekend. Sinds kort is er ook in-vitromaturatie (IVM) waarbij de onrijpe eicellen van de vrouw in het laboratorium in een schaaltje rijpen en daarna worden teruggeplaatst. In-vitrogametogese (IVG), waarbij van huidcellen, eicellen ofwel zaadcellen worden gemaakt, deze techniek wordt nog niet op de mens toegepast.

Erfelijke aandoening

Wanneer de (één van de) ouders een erfelijke aandoening heeft, kan er tijdens de IVF-procedure gekozen worden voor embryoselectie (pre-implantatie genetische diagnostiek). In dat geval wordt er genetisch onderzoek uitgevoerd op de embryo's. Alleen gezonde embryo's worden dan teruggeplaatst.

Onvruchtbaar

Als de man onvruchtbaar blijkt, kan er gekozen worden om de vrouw te bevruchten met donorzaad. Dit kan zowel via kunstmatige inseminatie of IVF. Door een tekort aan donoren zijn er lange wachtlijsten voor deze behandeling. Als de vrouw onvruchtbaar is, kan er gekozen worden voor een donoreicel. Deze eicel kan dan worden bevrucht met het sperma van de eigen partner. Het embryo wordt vervolgens in de eigen baarmoeder geplaatst. In april 2012 is in Nederland de eerste eicelbank geopend. Tot dan moesten vrouwen altijd een eigen donor regelen. Als zowel de man als vrouw onvruchtbaar is, kan gekozen worden voor een embryodonatie. Dan wordt een 'restembryo' van een ander koppel, dat geen kinderen meer wil na een geslaagde ivf-behandeling, in de eigen baarmoeder geplaatst.

Als de vrouw niet in staat is om een zwangerschap te voldragen, kan draagmoederschap een optie zijn. Wanneer de draagmoeder bevrucht wordt met sperma van de vader, dan heet het een laagtechnologische zwangerschap. Wanneer een bevrucht embryo van de ouders in de baarmoeder van de draagmoeder wordt geplaatst, dan is er sprake van een hoogtechnologische zwangerschap.

Dossier:

Voortplantingstechnieken

Laatste wijziging: 30 juli 2018
Dossier Thema: Lichaam en Gezondheid