Slapen

Een vrouw ligt met sokken aan onder een dik dekbed. ANP XTRA ROOS KOOLE Tijdens de Nationale Slaapdag in het MCH Westeinde, Centrum voor Slaap en Waakstoornissen in Den Haag, demonstreert de 14-jarige Debora hoe er getest wordt op slaapstoornissen. Op de foto krijgt Debora van een slaaplaborant een zuurstof masker omgedaan. Dit wordt gebruikt voor mensen met slaapapneu. ANP PHOTO CYNTHIA BOLL

Ongeveer een derde van ons leven brengen we slapend door. Toch is nog steeds niet helemaal duidelijk waarom we slapen!

Slaap is een toestand waarin je lichaam en geest tot rust komen. Je spieren ontspannen zich en je hartslag en ademhaling vertragen. Ook je hersengolven vertragen, waardoor je bewustzijn verlaagt en je van de buitenwereld afgesloten wordt.

Slaapcyclus

Een nacht slapen bestaat uit 4 à 5 slaapcycli, elk van 90 tot 120 minuten. Een zo’n slaapcyclus bestaat uit 5 fasen:
- De lichte slaap
Fase 1: de overgangsfase tussen wakker zijn en licht slapen. br>Fase 2: je slaapt licht, maar wordt niet meer van elk geluid wakker.
- De diepe slaap
Fase 3: de overgangsfase tussen de lichte en de diepe slaap.
Fase 4: de diepe slaap, die zorgt voor je fysieke herstel. Als je tijdens deze fase wakker wordt, heb je tijd nodig om te realiseren waar je bent.
- De droomslaap
Fase 5: de remslaap (Rapid Eye Movement), waarin je actief droomt. Tijdens deze fase verwerk je allerlei informatie van de afgelopen dag.

De eerste 2 à 3 slaapcycli worden je kernslaap genoemd. De overige cycli worden je restslaap genoemd. Men weet nog niet goed wat de functie hiervan is.

Slaapgebrek

Hoeveel slaap je nodig hebt, verschilt van persoon tot persoon. Met 4 à 5 uur slapen heb je je kernslaap behaald. Toch is lang niet iedereen hierna uitgerust. Belangrijker is de kwaliteit van je slaap.

Een langdurig gebrek aan slaap beïnvloedt het functioneren van je hersenen. Regelmatige bedtijden en aan het eind van de dag ontspannen, helpen om beter te slapen.

Biologische klok

Je biologische klok functioneert onder invloed van het licht. Die loopt niet bij iedereen gelijk. De meeste mensen hebben een bioritme van 24,5 à 25,5 uur. Doordat ons leven is ingesteld op een ritme van 24 uur, hebben veel mensen het gevoel geen ochtendmens te zijn.
Mensen met een korter bioritme zijn dan weer geen avondmens.

Dossier:

Slapen

Laatste wijziging: 26 oktober 2017
Dossier Thema: Lichaam en Gezondheid